Ga direct naar
Inhoud

Early English: Some Ideas

woensdag 11 januari 2012 Jonge kinderen en Engels leren: het is een prima combinatie! Van belang is wel dat het kind de mogelijkheid krijgt om veel te luisteren naar de nieuwe taal, en dat deze spelenderwijs wordt aangeleerd. De volgende leermiddelen kunnen zowel door ouders als leerkrachten worden ingezet.

Old MacDonald’s Farm

Doelgroep: onderbouw/middenbouw
Verkrijgbaar bij: Dille & Kamille (wellicht tijdelijk) en Amazon.

Old MacDonald’s Farm book is een magneetboek wat veel mogelijkheden biedt om vertrouwd te raken met het Engels. Het boek is in feite één grote praatplaat van een boerderij. De toegevoegde waarde ten opzichte van een normale praatplaat is dat er zo’n twintig magneetfiguurtjes bij horen, die naar eigen inzicht over de boerderij verdeeld en herverdeeld kunnen worden.

Wat kunt u ermee doen?

  1. U kunt onderdelen van de boerderij benoemen en het kind vragen om deze aan te wijzen.
  2. U kunt opdrachten geven aan het kind. Bijvoorbeeld: ‘Put the farmer in the field.’ Het kind plaatst vervolgens het juiste figuurtje op de juiste plaats.
  3. U kunt een waar/niet waar-spel spelen. Bijvoorbeeld: ‘The farmer is in the field.’ Het kind geeft verbaal (yes/no) of non-verbaal (handen op hoofd = waar/armen over elkaar = niet waar) aan of deze uitspraak juist of onjuist is.
  4. U kunt vragen stellen over de plaat. Bijvoorbeeld: ‘Where is the farmer?’ Het kind kan de vraag non-verbaal beantwoorden door het juiste figuurtje aan te wijzen, of verbaal, door de vraag te beantwoorden: ‘The farmer is in the field.’ Het laatste is geschikt voor leerlingen vanaf groep 5-6, afhankelijk van hun zelfvertrouwen en Engelse vaardigheden.
  5. U kunt de voorzetsels aanleren door te benoemen waar de figuurtjes zijn. Bijvoorbeeld: ‘The farmer is in the field.’ ‘The cat is on the roof.’ Het is raadzaam van tevoren zelf even te oefenen met het juiste gebruik van de voorzetsels, bijvoorbeeld d.m.v. deze website.
  6. U kunt met de kinderen het liedje ‘Old MacDonald had a farm’ zingen.

Uiteraard kunt u veel van deze activiteiten ook uitvoeren rondom een andere praatplaat.

Welke woorden heeft u nodig?

Farm (boerderij)
Farmer (boer)
Field (akker)
Meadow (weide)
Barn (stal)
House (huis)
Cat (kat)
Dog (hond)
Duck (eend)
Ducklings (eendekuikens)
Chicken (kip)
Goose (gans)
Pig (varken)
Piglets (biggetjes)

Horse (paard)
Cow (koe)
Goat (geit)
Sheep (schaap)
Rooster (haan)
Rabbit (konijn)
Scarecrow (vogelverschrikker)
Wheelbarrow (kruiwagen)
Tractor (trekker)
Combine harvester (combine)
Trailer (kar)
Rake (hark)
Spade (schop)


Kleurplaten

Doelgroep: onderbouw/middenbouw

Print een kleurplaat uit rondom het thema wat u wilt behandelen, bijvoorbeeld ‘het huis’. Zorg dat de kinderen eerst weten hoe alle items op de kleurplaat heten. Geef vervolgens de kinderen instructies voor het inkleuren. Bijvoorbeeld: ‘the door is green.’ ‘The path is brown.’ Bij oudere kinderen (groep 5-6) kunt u eventueel vragen stellen over de ingekleurde plaat: ‘What colour is the door?’ ‘What colour is the path?’

Welke woorden heeft u nodig?

Red (rood
Yellow (geel)
Green (groen)
Blue (blauw)
Purple (paars)
Pink (roze)
Orange (oranje)
Black (zwart)
White (wit)
Grey (grijs)
Light green (lichtgroen)

Dark green (donkergroen)
Door (deur)
Window (raam)
Path (pad)
Curtains (gordijnen)
Roof (dak)
Chimney (schoorsteen)
Walls (muren)
Lawn (gazon)
Letterbox (brievenbus)


Happy Families

Doelgroep: middenbouw/bovenbouw
Verkrijgbaar bij: Intertoys en www.bol.com.

Happy Families is de Engelse benaming voor kwartet, en is een uitstekend spel om de Engelse taalvaardigheid te bevorderen. De kinderen breiden hun vocabulaire uit en leren vragen stellen en beantwoorden. Het Reuzenkwartet van Dick Bruna is hier erg geschikt voor. Belangrijk is dat de kinderen eerst kennismaken met de benodigde woorden. Dit kan wat tijd vergen met 36 kaarten. U kunt de woorden bijvoorbeeld aanleren per set van vier. Benoem een plaatje vraag daarna een kind om het juiste plaatje aan te wijzen. Daarna kunt u het een stapje moeilijker maken door te vragen: ‘What’s this?’

Wanneer u uiteindelijk Happy Families gaat spelen, vragen de kinderen op de volgende manier om kaartjes aan elkaar: ‘Do you have the iglo of the buildings?’ Het antwoord kan zijn ‘Yes, I have’ of ‘No, I haven’t’.

Welke woorden heeft u nodig?
Buildings: iglo, castle, house, tent
Farm Animals: sheep, pig, horse, cow
Family: father, mother, son, daughter
Vehicles: sailboat, plane, train, lorry
Zoo Animals: seal, lion, penguins, elephant
Flowers: tulip, violet, snowdrop, daisy
Chickens: chicken, rooster, chick, egg
The sky: sun, moon, stars, comet
People: an Indian, an eskimo, an African, a Chinese

Vragen

Heeft u vragen over deze activiteiten of over vroeg Engels in het algemeen? Neem dan contact op met A.B. (Janneke) Klop, trainer Engels. Ook voor vragen over ons scholingsaanbod kunt u bij haar terecht.

«Terug





Snelkoppelingen