10 september 2026

‘Ik wil graag iets met je bespreken…’

Door Jacolien Boer

Henriët en Arinda zijn voor het tweede jaar duo collega’s. Ze kunnen het goed met elkaar vinden en gaan beiden voor hun groep, er is veel dat goed gaat. Maar de laatste tijd merkt Henriët dat ze minder geduld kan opbrengen voor de rommeligheid van haar duo. Ze is het zat om steeds de boel ’s morgens te moeten opruimen. Het eerste jaar maakte ze er grapjes over in de hoop dat Arinda snapte wat ze bedoelde en dat het op een dag beter zou gaan. Maar ondertussen is het voor Henriët een obstakel geworden dat haar werkplezier negatief beïnvloedt. Ze wil het graag anders, maar hoe...?

Tijdens een workshop over herbergzaam onderwijs die ik verzorgde, spraken we over de werkzame principes van herbergzaam onderwijs. We stonden onder andere stil bij een cultuur van veiligheid die leidt tot kwetsbaarheid en openheid

Een van de deelnemers gaf aan hoe op hun school de kwetsbaarheid van de leider een positieve invloed heeft op het team. Een ander reageerde op het principe van verantwoordelijkheid en aanspreekbaar zijn. Dit maakte veel los, het was duidelijk dat iedereen feedback geven goed vond, maar heel lastig om te doen.

Zou een andere manier van kijken naar feedback kunnen helpen? Want wees eerlijk, de collega gaat op den duur wel merken dat er ‘iets’ is. Dat kan een gevoel van onveiligheid met zich mee brengen en mogelijk argwaan. We gaan gissen en ons misschien juist minder handig gedragen.

Herbergzaam onderwijs gaat uit van gelijkwaardigheid en het dienen van elkaar. Zouden we feedback ook in dat licht kunnen zien? Dat ik de moed heb en kwetsbaarheid toon in het geven van feedback, omdat het verbindt om te weten wat je gedrag met de ander doet? Dat je vervolgens samen kunt zoeken hoe je elkaar kunt dienen in jullie gezamenlijke missie voor de klas?

Ik zie ze zitten: Henriët en Arinda, het werkoverleg is klaar en Arinda zegt: ‘Dat hebben we weer goed gedaan samen!’ Henriët wil al ja zeggen, maar aarzelt; ‘Ik wil graag nog iets met je bespreken…’, het floept er zomaar uit. Arinda fronst: ‘oh, okee…’.

Henriët haalt diep adem en herhaalt de zin die ze al zo vaak in haar hoofd heeft uitgesproken: ’Vanmorgen toen ik in de klas kwam stonden er twee kopjes op mijn bureau, de vloer was volgens mij niet geveegd en er lagen nog knutselspullen op de instructietafel’. Arinda kijkt verbaasd, Henriët vervolgt: ‘Ik houd ervan om opgeruimd de dag te beginnen en vind het vervelend om dat aan te treffen ’s morgens, ik voel daar irritatie over’. 

Arinda haar blik verandert bij het horen van de moeite die haar gewaardeerde collega ervaart door haar toedoen, dat is niet wat ze wil! ‘Joh, dat spijt me, ik ben echt een rommelkont, ik wist niet dat jij daar last van had’. Henriët voelt gelijk opluchting en tegelijk erkenning. Het lijkt nu eigenlijk best raar dat ze er zo’n ‘ding’ van heeft gemaakt in haar hoofd, het liefst zou ze willen zeggen dat het haar eigenlijk niet zo veel uitmaakt. Zo’n stemmetje dat naar boven komt en zegt: ‘Wat heb je nou toch moeilijk gedaan over zoiets kleins’. Maar ze weet dat het belangrijk is om het goed af te ronden, met heldere wederzijdse verwachtingen. 

Dus vervolgt ze: ’s Morgens starten in een opgeruimd lokaal is voor mij een goede start van een drukke schooldag, op die manier kan ik mijn beste energie aan de kinderen geven, ik zou het heel fijn vinden als jij daarom jouw eigen spullen opruimt’.

Er wordt vaak gezegd dat feedback een cadeau is voor de ontvanger, daar wordt dan mee bedoeld dat de ander met jouw feedback inzicht krijgt in zijn gedrag en daardoor kan groeien. Dit is niet onwaar, maar volgens mij is er een grotere oogst; de relationele. Doordat ik mijn kwetsbaarheid toon, over mijn beperktheid in het omgaan met het gedrag van de ander wordt er verbinding gelegd op het gevoelslevel. 

Dit wordt een cadeau voor beide kanten wanneer de ontvanger in plaats van zich te verdedigen, de feedback ontvangt en het gevoel erkent. Een prachtige basis om samen, vanuit de wetenschap dat verschil tussen mensen een scheppingsgave is, de uitdaging aan te gaan daar ook goed mee om te gaan en elkaar daarin te dienen.

Er wordt nog wat nagebabbeld door de dames. Bij het verlaten van de klas valt Arinda’s oog op de boekenkast, waar een verdwaald kopje staat. Lachend zegt ze: ‘Heb jij die nou vandaag laten staan, Henriët…?’.

Jacolien Boer

Over Jacolien Boer

Jacolien is onderwijsadviseur en lid van de kenniskring Herbergzaam onderwijs.